zondag 7 oktober 2012

Gunther D. ontbloot


StuBru-presentator Gunther D. is niet minder dan een mediafenomeen. Met zijn zorgvuldig uitgedachte 'prank calls' naar derderangs-BV’s brengt hij dagelijks tientallen zwakbegaafde pubers tot hysterische lachbuien. Maar wat is precies het geheim van Gunthers onmetelijke succes? Wij zochten de radiogod, né Gunther d’Udekem de Buisonjé von Desamblanx, op in zijn luxueuze Brusselse loft.

Wanneer we bij Gunther aanbellen, omstreeks vier uur in de namiddag (“want vroeger ben ik nog niet nuchter, ze!”), kunnen we een beate glimlach nauwelijks onderdrukken. Gunthers loft blijkt een gigantische bladgouden replica van zijn eigen hoofd te zijn. Na een zestiental bellen buzzt de man zelf ons in en worden we via een elektronische loopbrug de neusgaten van de nietsontziende shock-jock binnengeleid. Gunther ontvangt ons persoonlijk in een fluoroze badjas, opgefleurd, ter hoogte van het kruis, met een gehandtekende foto van Nicole & Hugo.

“Coke?”, vraagt Gunther.

We slaan het sympathieke aanbod beleefd doch kordaat af.

“Des te meer voor Gunther dan.”, zegt de bad boy van de Vlaamse ether, terwijl hij een juten zak vol wit poeder leeggiet over de salontafel. “Goed, wat willen jullie weten over Gunther?”

Gunther vlijt zich verleidelijk neer op de gifgroene sofa en gunt ons aldus (per ongeluk?) een panoramisch zicht op zijn weelderige klokkenspel. Ik wend mijn blik discreet af maar kan het niet laten even te kokhalzen. Gunther merkt het op maar glimlacht beminnelijk. Hij maakt dit wel vaker mee.

“Wel, ik denk dat onze lezers vooral geïnteresseerd zijn in de persoon achter Gunther D. Wie is toch die man die elke dag opnieuw het leven van enkele even onbenullige als onschuldige mediafiguren verpest?

“Ah ja. Wel, de Gunther D. van de radio en de echte Gunther D. zijn eigenlijk dezelfde persoon, ze. Alleen is de echte Gunther D. nog ietske sexier.”

“De echte Gunther D. kwam onlangs in opspraak na de publicatie van het boek 'Dossier D.: het ware verhaal achter Gunther Desamblanx' van Douglas De Coninck….”, probeer ik voorzichtig.

Gunthers gezicht wordt asgrauw.

“Daar weet Gunther niks van.”, zegt hij.

Dat betwijfel ik. Het boek prijkt al weken bovenaan de bestsellerlijsten.  'Dossier D.' vertelt het bij wijlen erg aandoenlijke verhaal van een jonge Gunther D., die tevergeefs carrière probeert te maken in de Vlaamse variété-wereld. In een nu al legendarische passage beschrijft De Coninck hoe de 19-jarige Gunther zijn Vlaams mediadebuut maakt in een memorabele aflevering van de Soundmixshow. De jongeman brengt een ontroerende ode aan Tina Turner ten berde wanneer plots het noodlot toeslaat. Overmand door zenuwen verliest Gunther, live on stage, de controle over zijn darmfuncties, met navenante gevolgen. De Coninck beschrijft hoe het VTM-publiek geshockeerd de adem inhoudt, tot de immer bijdehandse Bart Kaëll droogweg opmerkt: “Amai, die zijn sluitspier zit nog losser dan de mijn!”,  en de hele studio zich verliest in een minutenlange schaterbui. Na deze traumatische ervaring waagt Gunther D. zich nooit meer op een Vlaams podium en beslist hij zijn vele talenten enkel nog te ontplooien binnen de veilige beschutting van een radiostudio.

“U bent toch op de hoogte van het bestaan van het boek, neem ik aan? Ik vraag gewoon een korte reactie, meer niet.”, zeg ik.

Gunthers gezicht is nu rood aangelopen. Zweet parelt van zijn voorhoofd en hij staart me aan met opengesperde ogen.

“GUNTHER HEEFT GEEN KAKA GEDAAN!”, gilt hij plots.

“Pardon?”, zeg ik.

“GUNTHER HEEFT GEEN KAKA GEDAAN, MAMA!”, gilt Gunther opnieuw.

De charismatische radiolegende valt hulpeloos ter aarde en begint luidkeels te huilen. Ik weet niet goed hoe te reageren. 

"Euh, alles oké, meneer Desamblanx?", vraag ik.

Gunther schudt snikkend van nee. Een dun bruin straaltje loopt langzaam langs zijn linkerbeen naar beneden. Terwijl ik neerkijk op dit ineengezakte hoopje ellende, voel ik me plots erg schuldig. Loonde het echt de moeite om dit zielige creatuur te confronteren met zijn eigen nietigheid, om zo het plebs een kwartiertje oppervlakkig vertier te bezorgen? Ben ik zelf niet even verwerpelijk door dit wanstaltige schepsel achteloos de grond in te boren, enkel en alleen omdat het kan? De gedachte blijft door mijn hoofd spoken wanneer ik terug naar de redactie rijd. Uiteindelijk stop ik op de pechstrook en gooi ik m'n notitieboekje de berm in. Diezelfde dag nog lever ik mijn perskaart in en ga ik aan de slag in de sociale sector.

Van uw ex-redacteur Klaas B.

Geen opmerkingen: